≡ Menu

Wat is het verschil tussen de Duitse herder en Hollandse herder

Herdershonden staan bekend als trouw en gehoorzaam, toch bestaan er veel herdershonden rassen met ieder hun eigenschappen. Een bekende herdershond is de Duitse herder, die van oorsprong uit Duitsland komt, en de minder bekende Hollandse herder, een echt Nederlands ras waar natuurlijk direct het eerste verschil ligt.

Uiterlijk
Qua uiterlijk is de Duitse herder een stuk forser dan de Hollandse herder, alhoewel de schofthoogte van de Duitse herder (65 cm, 62 cm bij de Hollandse herder) wat hoger ligt is het vooral het gewicht wat het verschil maakt. Duitse herders kunnen wel 40 kilo wegen (de reuen) terwijl de Hollandse herder niet zwaarder wordt dan 28 kilo. De grootte van een Duitse herder teef is ongeveer gelijk aan de grootte van een Hollandse herder reu.

De Duitse herder is zwart en heeft roodbruine, bruine of gele vlekken. Vaak lijkt het alsof de Duitse herder een zwart zadel opheeft, op zijn kop overheerst voornamelijk de kleur zwart. De Duitse herder heeft lang haar, volgens de rasstandaard heet dit stokhaar met onderwol.

De Hollandse herder kent 3 variaties, de korthaart, ruwhaar, langhaar. Hollandse herders hebben een donkere goud of zilver gestroomde vacht en moeten volgens de standaard een masker hebben.

Karakter
Omdat de Duitse herder vaak als politiehond of als waakhond wordt ingezet is hun imago niet al te positief, de Duitse herder is van oorspring goedaardig, zelfverzekerd, alert, waakzaam, moedig, gehoorzaam en vooral erg trouw aan zijn baas. Naast waakhond, politiehond of speurhond is de Duitse herder ook goed in te zetten als blindengeleidehond en zeer geschikt om te houden als gezinshond. Een Duitse herder heeft veel beweging nodig dit om hem op gewicht te houden, ze worden namelijk snel te zwaar.
Een Duitse herder heeft een consequente baas nodig. Een Duitse herder die lelijk doet heeft geen correcte opvoeding gehad.

De 3 variaties van de Hollandse hebben elk een ander karakter. De ruwharige Hollandse herder wordt gezien als de meest stabiele, daarna komt de korthaar en dan de langhaar. Qua karakter lijkt de Hollandse herder veel op de Duitse herder, wel moet er met de Hollandse veel gewerkt worden, vooral de kortharigen staan erom bekend graag te willen werken en kunnen vervelend worden als ze niet goed genoeg uitgedaagd worden.

De Hollandse herder komt niet erg veel voor, en je ziet vooral de kortharige variant vaak terugkomen als werkhond. De langhaar en ruwhaar worden meer gebruikt en gefokt als gezinshond.

Vooral de Duitse herder is zeer gevoelig voor heupdysplasie, maar bij een te ruige opvoeding is de Hollandse herder ook gevoelig voor heupproblemen (elke middelgrote tot grote hond). Het is belangrijk om te wachten tot een hond 1 jaar oud is met traplopen, achter ballen aanrennen, naast de fiets lopen en in en uit de auto springen. Overbelasting in het eerste jaar komt vaak pas op latere leeftijd tot uiting.