≡ Menu

Wat is het verschil tussen trainen met dumbbells en trainen met kettlebells

data-dmc=”summary”>Bij krachttraining zijn er diverse attributen die je kunt gebruiken om je spieren aan het werk te zetten. De meest toegankelijke gewichten zijn misschien wel de dumbbells, welke door het formaat ook makkelijk thuis te gebruiken zijn. Nog een relatief nieuwe manier van fitness is trainen met kettlebells, deze zijn net zo handzaam als de dumbbells maar minder toegankelijk omdat je er niet zomaar even mee begint. Vooropgesteld gebruik je de dumbbells niet ter vervanging van de kettlebell en vice versa.

De verschillen tussen trainen met een dumbell en trainen met een kettlebell.

Het meest opvallende verschil is natuurlijk het uiterlijke verschil tussen een dumbbell en kettlebell. Een dumbbell bestaat uit een ijzeren rechte stang met aan beide uiteinden een gewicht. In fitnesscentra kan je vaak kiezen uit een hele reeks dumbbells van verschillende gewichten, als je professioneel met krachttraining bezig bent zal je vaker met dumbbells werken waarbij je de gewichten kan vervangen voor lichtere of zwaardere gewichten. Dit laatste heeft als voordeel dat je altijd met het door jou gewenste gewicht kan trainen, daarnaast kan je met deze dumbbells vaak zwaarder trainen.

kettlebell 40kg

Het gewicht van kettlebells gaat tegenwoordig veel verder dan de standaard 24 kilo, 40 kilo is bijvoorbeeld ook beschikbaar

Een kettlebell lijkt op een ijzeren kanonskogel met daarboven op een dito ijzeren handvat. De originele kettlebells hebben een standaard reeks aan gewichten, beginnende bij 8 kilo met als zwaarste 48 kilo. Nu trainen met een kettlebell steeds populairder wordt zijn er inmiddels kettlebells op de markt waarvan je het gewicht kan verstellen, daarbij moet gezegd dat deze zogenaamde kettlebells niet de effectiviteit van trainen met een echte kettlebell evenaren.

Kettlebells van 8, 12 en 16 kilo worden over het algemeen gebruikt door vrouwen. Vanaf 20 kilo is een gewicht voor mannen, waar de kettlebell van 24 kilo de standaard is. Om bijvoorbeeld officieel kettlebell-trainer te worden moet je met een kettlebell van 24 kilo je examen afleggen.

Hoe dan ook is het niet kunnen verstellen van het gewicht bij kettlebell een nadeel ten opzichte van de dumbbell. Daarnaast is niet in elke sportschool de kettlebell een vast onderdeel van het inventaris. Als jouw niveau momenteel ligt op trainen met een kettlebell van 24 kilo en op de sportschool hebben ze alleen maar kettlebells van 20 en 28 kilo dan is het eigenlijk onmogelijk om volwaardig te trainen, 20 kilo zal te licht zijn en 28 kilo direct een stap te zwaar.

De training

De dumbbell is in balans, dit betekent ook dat je er heel gecontroleerd mee kan trainen. Een dumbbell omhoog en omlaag brengen gaat makkelijk via dezelfde route, trainen met een dumbbell is daarom erg voorspelbaar, de kracht in je arm is de bepalende/beperkende factor.

De kettlebell heeft één zwaartepunt, het gewicht wordt niet verdeeld en is daarom veel lastiger te controleren. Een kettlebell tillen kan je vergelijken met het tillen van een hele zware koffer, daarvoor heb je veel meer spieren nodig dan enkel armspieren, daarnaast moet je ook nog in staat zijn om jezelf goed in evenwicht te houden.

Nu til je een zware koffer alleen maar, daarnaast is het gewicht van de koffer over een groter oppervlakte verdeeld. Bij een kettlebell komt al het gewicht op een klein oppervlakte bij elkaar, daarnaast moet je bij het trainen met een kettlebell deze zwaaien en tillen tot zelfs boven je hoofd. Om deze kettlebell te blijven controleren (een kettlebell laten vallen is vaak geen optie) moet je bij alle oefeningen je gehele lichaam gebruiken, elke kettlebell-oefening is een full-body oefening.

Neem bijvoorbeeld de kettlebell-swing, een oefening waarbij je de kettlebell met twee handen of 1 hand tussen je benen naar voren laat swingen. Met je knieën gebogen zwaai je de kettlebell naar voren totdat je armen (of arm) horizontaal voor je zijn, hier ervaar je een moment dat de kettlebell even gewichtloos lijkt door de opwaartse beweging, daarna valt de kettlebell weer terug naar beneden tussen je benen. Naast dat het swingen met een kettlebell enorm goed is voor het verbeteren van je conditie train je je beenspieren (door de lichte squats), heupspieren en dijspieren (de kettlebell vanuit de laagste stand omhoog swingen), je schouderspieren en buikspieren (kettlebell controleren tijdens de swing).

Waar de kettlebell swing bij een kettlebell-training een basisoefening is, is dat bij dumbbell training de biceps curl. Bij een biceps curl laat je de dumbbell in je hand met je arm naar beneden hangen om de dumbbell vanaf daar omhoog te brengen richting je schouder, je elleboog blijf op dezelfde plaats en je buigt je onderarm omhoog. Dit is een rechtlijnige voorspelbare beweging en zal dus niet veel meer spieren belasten dan de armspieren en dan met name je biceps. Als je een biceps curl met een kettlebell wil doen moet je doordat deze altijd naar beneden hangt en niet ‘meewerkt’ zoals de dumbbell ook nog eens beschikken over sterke polsen en onderarmen.

Met een dumbbell training kan je heel gericht een bepaalde spiergroep trainen, met een kettlebell training ontkom je er niet aan dat je veel verschillende spiergroepen traint. Daarnaast is kettlebell ook heel geschikt voor vetverbranding en het opbouwen van een conditie. Een full body workout, voor een fitter lijf. Ongeschikt voor mensen die als hoofddoel hebben gesteld om veel spieren te kweken. Om variatie in je kettlebell trainingsprogramma aan te brengen is het niet verkeerd om er dumbbell oefeningen aan toe te voegen, om zo je spieren de nodige afwisseling te bieden.