≡ Menu

Wat is het verschil tussen effectiviteit en efficiëntie

Om de productiviteit van een productieproces op te schroeven moet de effectiviteit en efficiëntie optimaliseren, twee termen die dicht bij elkaar liggen maar in de praktijk elkaar regelmatig in de weg zitten.

Stel, je hebt een bedrijfje dat houten bankjes maakt. Je hebt twee medewerkers in dienst die de binnengekomen orders verwerken. Beide medewerkers leveren puik werk, de ene staat bekend om zijn effectieve manier van werken, de andere gaat juist erg efficiënt te werk. De effectieve medewerker heeft maar één doel voor ogen, en dat is een mooi houten bankje afleveren. Tijdens de productie van het bankje houdt hij zich niet bezig met hoeveel spijkers, schroeven en hout hij gebruikt. De kopers van de houten bankjes zijn altijd tevreden, toch valt je op dat de effectieve medewerker beduidend meer materiaal nodig heeft dan de efficiënte medewerker. Op de houten bankjes van deze medewerker zit wat dat betreft een lagere winstmarge.

De efficiënte medewerker levert ook prima houten bankjes af, toch ligt bij hem de focus veel meer op het productieproces dan op het eindresultaat. De efficiënte medewerker vindt het milieu bijvoorbeeld erg belangrijk en probeert daarom zoveel min mogelijk hout te verspillen. In plaats van spijkers en schroeven gebruikt de efficiënte medewerker overgebleven hout om hiervan bouten en moeren van te maken en daarmee de bank in elkaar te zetten. Het beschikbare productiemateriaal wordt dus optimaal gebruikt, terwijl dat niet per se noodzakelijk is.

De effectieve medewerker houdt zich dus voornamelijk bezig met doen van de juiste taken om tot een eindproduct te komen. De efficiënte medewerker richt zich voornamelijk op het juist doen van zijn taken om zo het productieproces te optimaliseren, het eindproduct speelt voor hem een meer ondergeschikte rol. Jij als eigenaar van het bedrijf zou bij voorkeur de focus willen leggen op effectiviteit (doelgericht) en efficiëntie (doelmatig) tegelijk. Dit komt de algehele productiviteit ten goede.

Nog een voorbeeld. Je staat met de auto voor een driesprong maar je hebt geen idee welke weg je naar je bestemming brengt, je kiest ervoor de gok te wagen en een willekeurige weg in te rijden. De kans is aanwezig dat je niet de juiste weg kiest en weer terug moet om een andere weg in te gaan, waardoor je mogelijk langer onderweg bent en het meer benzine kost. Je bent doelgericht, effectief dus.

Je zou er ook voor kunnen kiezen om aan iemand te vragen welke weg je in moet rijden om bij je bestemming te komen, je hecht meer waarde aan het zo min mogelijk tijd verliezen om direct bij je bestemming te geraken. Dit is efficiëntie.