≡ Menu

Wat is het verschil tussen moord en doodslag

In minder leuke krantenberichten lezen we met enige regelmaat wel iets over moord, doodslag en dood door schuld. In alle gevallen is er sprake van een overleden persoon door toedoen van een ander. Hieronder wordt de juridische omschrijving van de drie misdrijven gegeven en aan de hand daarvan worden de verschillen duidelijk.

In het (Nederlandse) Wetboek van Strafrecht staan in het Tweede Boek onder Titel XIX de ‘misdrijven tegen het leven gericht’ beschreven, daartoe behoren doodslag en moord.

Artikel 287 (Doodslag) luidt:Hij die opzettelijk een ander van het leven berooft, wordt, als schuldig aan doodslag, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren of geldboete van de vijfde categorie.’.

Artikel 289 (Moord) luidt:Hij die opzettelijk en met voorbedachten rade een ander van het leven berooft, wordt, als schuldig aan moord, gestraft met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren of geldboete van de vijfde categorie.’.

Onder Titel XXI staan de misdrijven die dood of lichamelijk letsel door schuld veroorzaken. Hieronder valt dood door schuld.

Artikel 307 (Dood door schuld) luidt: Hij aan wiens schuld de dood van een ander te wijten is, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie.’.

Het verschil tussen Artikel 287 en 289  zit in de strafmaat. Voor moord kan de maximale gevangenisstraf twee keer zo hoog uitvallen als bij poging tot doodslag: 30 om 15 jaar. ‘Met voorbedachten raden’ is dus het zinsdeel wat hiervoor zorgt. Met voorbedachten rade houdt in dat de dader al van plan is een persoon van het leven te beroven, oftewel te vermoorden. De dader stapt dus bijvoorbeeld met een geladen pistool in de auto, rijdt naar het huis van het slachtoffer en schiet deze vervolgens dood.

Bij doodslag is de dader niet van plan het slachtoffer van het leven te beroven maar toch gebeurt dit. Een voorbeeld hiervan is (de situatie is bewust gelijk aan het vorige voorbeeld) dat de dader in de auto stapt met een ongeladen pistool, en naar het huis van het slachtoffer toe rijdt om deze even goed bang te maken. Het slachtoffer is niet bang en gaat het gevecht aan. Tijdens dit gevecht slaat de dader het slachtoffer herhaaldelijk met de achterkant van het pistool op zijn hoofd, deze overlijdt aan de verwondingen. De dader ging dus niet naar het huis toe om zijn slachtoffer van het leven te beroven, maar toch is dit wel gebeurd. Er is echter geen sprake van voorbedachten rade dus is het doodslag. Voor rechters is het in sommige gevallen erg moeilijk te bepalen of er wel of geen sprake was van voorbedachten rade en dus of er moord of doodslag ten laste kan worden gelegd. Een stoeptegel van een viaduct gooien is ook een (poging tot) doodslag, dit omdat je logischerwijs kan bedenken dat de handeling (een stoeptegel zo’n afstand naar beneden op een auto gooien) iemands dood tot gevolg kan hebben.

Dood door schuld is weer net anders dan poging tot doodslag en wordt daarom ook minder zwaar bestraft. Bij doodslag kan de dader, in de situatie in het voorbeeld zoals hierboven beschreven, nadenken, en het slaan met het pistool niet doen. Bij dood door schuld heeft de dader niet nagedacht, waar hij dat wel had moeten doen. Een voorbeeld van dood door schuld is een zuster die een verkeerde injectie aan een patiënt geeft die daardoor overlijdt. Had de zuster nagedacht (lees: opgelet) was er geen slachtoffer gevallen, dus heeft de zuster dood aan de schuld van de patiënt. Als iemand dronken in een auto stapt en daarbij iemand doodrijdt is dat ook dood door schuld. Door de roekeloosheid van in dit geval de bestuurder kan de maximale gevangenisstraf van 2 jaar verhoogd worden naar 4 jaar. Dit is bij wet vastgelegd. Roekeloos gedrag vertoon je als je geen rekening houdt met de gevolgen en gevaren van je gedrag.

Bij een moord beroof je iemand van het leven met voorbedachten rade en kun je een maximale gevangenisstraf krijgen van 30 jaar. Bij doodslag beroof je iemand van het leven zonder voorbedachten rade en kun je maximaal 15 jaar gevangenisstraf krijgen. Dood door schuld heb je als door jouw (roekeloos) handelen of juist niet handelen iemand overlijdt. De maximale gevangenisstraf die je kan worden opgelegd in dit geval is 2 jaar, is er sprake van roekeloosheid is dit maximaal 4 jaar.