≡ Menu

Wat is het verschil tussen sneeuw, ijzel en ijsregen

De winters in Nederland stellen niet zoveel voor, het is vaak achtbaanrit van herfstachtige temperaturen met zo af en toe een uitschieter naar beneden de vrieskou in. Als we geluk hebben dan valt er sneeuw tijdens onze winter, maar uiteindelijk hebben we vooral te maken met regen. En zo af en toe is het geen sneeuw en geen regen maar ijzel of ijsregen wat er uit de lucht valt.

Als een regendruppel uit een wolk valt heeft het onderweg naar beneden regelmatig te maken met nogal wat temperatuursverschillen. Deze verschillende temperaturen hebben directe invloed op de regendruppel. Zo kan een regendruppel in een hogere luchtlaag veranderen in een sneeuwvlok om even later weer als regendruppel op het aardoppervlak te landen.

In welke vorm de regendruppel uiteindelijk de grond raakt is dus afhankelijk van wat voor temperaturen hij onderweg tegenkomt.

Om het bijvoorbeeld te laten sneeuwen is het belangrijk dat het tussen wolk en aardoppervlak maximaal nul graden of kouder is. Sneeuwvlokken zijn bevroren regendruppels in de regenwolk tegen elkaar aan zijn gebotst en aan elkaar zijn blijven kleven en zo een luchtige sneeuwvlok zijn geworden. De ideale temperatuur voor het vormen van sneeuwvlokken ligt rond de -10 graden Celsius. Dit betekent dus ook dat het té koud kan zijn voor sneeuw.

Het kan voorkomen dat een sneeuwvlok onderweg door een warmere luchtlaag gaat voordat het weer een koude luchtlaag bereikt. Dit heeft als gevolg dat de sneeuwvlok een beetje smelt om vervolgens in de volgende koude luchtlaag weer te bevriezen. De sneeuwvlok is in deze situatie veranderd in een stukje ijs, een ijsdruppel en ijsdruppels die dwarrelen niet, nee, die vallen keihard naar beneden om vervolgens ergens al stuiterend op de grond tot stilstand te komen.

Het kan ook zo zijn dat de sneeuwvlok onderweg naar beneden in een grote warme luchtlaag terecht komt waardoor deze smelt en een regendruppel wordt. Vlak voordat deze regendruppel de grond raakt komt deze nog door een kleine koude luchtlaag die de druppel fors laat afkoelen maar er net geen ijsdruppel van maakt. Wanneer deze koude regendruppel de grond raakt bevriest deze alsnog waardoor er een dun laagje ijs ontstaat.

IJsregen, maar vooral ijzel kan de straat letterlijk veranderen in een ijsbaan. De laatste keer dat dit in Nederland gebeurde was aan het begin van 2016. Het dagelijkse leven in het noordoosten lag toen enkele dagen helemaal stil vanwege een dikke ijslaag op de straten.

Sneeuw, ijsregen en ijzel komt uitsluitend voor in de winter. De ijsballen die tijdens een hagelbui naar beneden komen zijn niet per se een product van de winter, hagel is juist neerslag wat in de zomer extremer is dan in de winter.